Aan de keukentafel praten over vervroegd uittreden

Uit: Het netwerk van VEBIDAK

VEBIDAK is er voortdurend op uit om de collectieve en individuele belangen van lid-bedrijven te behartigen. Dit gebeurt in alle openheid, met de middelen en expertise die daarvoor binnen de branchevereniging aanwezig zijn. Iets minder zichtbaar is dat goede belangenbehartiging mede tot stand komt dankzij het zakelijke netwerk van de branchevereniging. Ook via deze weg wordt een bijdrage geleverd aan de realisering van strategische doelstellingen. In deze editie staat de samenwerking tussen VEBIDAK, het Sociaal Fonds BIKUDAK en Comminz BV centraal. Aan het woord Cees Woortman en Ben Bleumer, respectievelijk werkgevers- en werknemersvoorzitter van het Sociaal Fonds BIKUDAK en Paul Smid, partner en mede-oprichter van financieel adviesbureau Comminz BV.

Centraal staat de Regeling Vervroegde Uittreding (RVU) die per 1 oktober 2021 van kracht wordt. Het betreft een tijdelijke regeling met als basis een wettelijke uitkering van € 22.164 per jaar over de laatste drie jaar voorafgaand aan de AOW. Deze regeling biedt dakdekkers de gelegenheid om eerder te stoppen met werken. De RVU wordt ook wel zwaarwerkregeling genoemd.

Toereikend

De vraag is of dat jaarlijkse bedrag toereikend is om eerder te stoppen met werken. Cees Woortman: “Ik geef ze de kost niet, de mensen die hier te weinig aan hebben. Dakdekkers die geen reserves hebben, maar hun leven lang op hun inmiddels versleten knieën op het dak hebben doorgebracht. En dat tot hun pensioen nog moeten doen. Sommigen hebben wat achter de hand. Uit een erfenis bijvoorbeeld. Anderen hebben een werkende partner die een en ander kan opvangen, zodat de dakdekker in kwestie eerder kan stoppen. Of misschien is de hypotheek al afgelost.”

Om op individuele basis te onderzoeken of de dakdekker met behulp van de RVU eerder de brander aan de wilgen kan hangen, is het Sociaal Fonds BIKUDAK een samenwerking aangegaan met het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud). Nibud geeft voorlichting over de huishoudportemonnee. Voor het onderzoeken van de haalbaarheid van RVU bij individuele dakdekkers heeft Nibud vervolgens Comminz als onafhankelijke dienstverlener ingeschakeld. Ben Bleumer over deze constructie: “We werken samen met Nibud om te voorkomen dat de dakdekker iemand aan de keukentafel krijgt om financiële producten te slijten. Het gaat puur om het onafhankelijke advies. De knip blijft dicht.”

Communicatie essentieel

Comminz heeft ervaring met de RVU. Paul Smid: “We voeren een soortgelijk traject uit voor de Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor Vlees, Vleeswaren, Gemaksvoeding en Pluimveevlees, de VLEP. Hieruit hebben we geleerd dat goede communicatie essentieel is. Ook aan de keukentafel. Zeker in deze snelle wereld is dat belangrijk. Liever niet beeldbellen, maar persoonlijk contact. We komen bij jóu thuis, op jóuw manier en met de mensen die jíj erbij wilt hebben. Zo eenvoudig werkt het eigenlijk. Die waarden, die persoonlijke benadering, die verbinding vinden we bij Comminz belangrijk. Het gaat om communicatie. Niet om producten. Als je goed communiceert, dan komen de mensen vanzelf wel. Je gaat naar de bakker om brood te vragen. De bakker moet niet hoeven vragen of je nog brood nodig hebt.”

Maatwerk

Advisering over de RVU is maatwerk. Paul Smid: “De uitgangssituatie verschilt per individu of per gezin of stel. Niet alleen op financieel gebied, maar ook in emotioneel opzicht. De een beleeft werkdruk anders dan de ander. De knieën van de een zijn niet dezelfde als die van een ander. In het informatiegesprek stellen we persoonlijke vragen. Om helder te krijgen wat men nu echt wil in plaats van alleen de financiële mogelijkheden inzichtelijk te maken. We zijn hierin volstrekt neutraal. We hebben geen belang bij de uitkomst. Het gaat erom dat de mensen meer willen weten over de RVU voor hun persoonlijke situatie om straks een weloverwogen keuze te kunnen maken. De uitkomst is hun beslissing. We betrekken ook de partner bij het gesprek. Soms is de werknemer wat terughoudend en zegt: ‘Nou, voorlopig blijf ik nog wel werken’. Als je erop dóórvraagt, vertelt de partner dat haar man elke dag afgepeigerd thuiskomt van zijn werk, op de bank ligt en niet meer overeind komt. Daarnaast kijken we uiteraard naar de financiële situatie. Hoe sta je ervoor, wat heb je nodig en wat zijn je mogelijkheden straks?”

Positieve uitkomst

Mooi natuurlijk, zo’n betrokken benadering, maar levert dat ook iets op? Volgens Paul Smid zeer zeker: “We zien dat 85% van de gesprekken resulteren in een positieve uitkomst. Althans, zij zijn met het adviesgesprek geholpen. Dat betekent niet dat de uitstroom 85% is. De doelgroep waar we nu mee praten, heeft het pensioen al opgebouwd. De mensen komen uit een periode van aflossingsvrije hypotheken of betalen een acceptabele huur. Er is vaak meer mogelijk dan men verwacht. Soms is er nog een werkende partner. Als die met AOW gaat, komt er zo’n 900 euro per maand bij. Het komt voor dat na AOW het inkomen zelfs hoger wordt dan voorheen. Soms adviseren we dan om voortijdig een klein deel van het pensioen op te nemen, zodat je mede door de RVU eerder kunt stoppen.”

Volgens Smid kost een jaar eerder stoppen met werken zo’n 100 tot 150 euro netto levenslang per maand. “Best veel”, brengt Cees Woortman in. “Dat is ook zo”, reageert Smid “Maar als de partner-AOW er vervolgens bijkomt, ontstaan er nieuwe mogelijkheden. Je moet wel voldoende overhouden om ook straks tegenslagen te kunnen opvangen.”

Eerder stoppen

De RVU is erop gebaseerd dat dakdekkers drie jaar eerder kunnen stoppen met werken. Als de regeling op 1 oktober 2021 in werking treedt, is er ook een groep die veel dichter tegen de pensioenleeftijd aanzit. Ben Bleumer: “We gaan ervan uit dat er ook werknemers zullen zijn die 65 of 66 zijn en een jaar of een half jaar eerder willen stoppen. Voor deze groep is het inkomensverlies lager dan voor de groep die eerder wil stoppen. Die variatie zit ook in de regeling. Als je het inkomensverlies over drie jaar te veel vindt, dan kun je ook kiezen voor twee jaar of korter.”

De doelgroep voor de RVU, die tot 1 januari 2026 doorloopt, bestaat uit 330 dakdekkers uit een totale populatie van ongeveer 2900 dakdekkers. De verwachting is dat zo’n 60, 70% van die 330 dakdekkers een adviesgesprek met Comminz aanvraagt. “De ervaring leert dat mensen van 66 jaar bijna allemaal na een adviesgesprek uitstromen. Hoe lager de leeftijd, hoe beperkter de uitstroom. Drie jaar vóór de pensioengerechtigde leeftijd is een kantelpunt. Dat is niet voor niets door de overheid als grens aangemerkt. Dan wordt het bedrag te hoog dat van het pensioen wordt afgesnoept. Je merkt dat de deelnamebereidheid aan de RVU bij mensen met een adviesgesprek hoger ligt dan bij mensen zonder adviesgesprek. Erg belangrijk is de communicatie. Dat doet de branche prima. We hebben de eerste verzoeken voor een adviesgesprek al binnen.”

Wanneer stoppen?

De RVU in de vleessector ziet er anders uit. Paul Smid: “Hoe later je stopt, hoe minder je per maand meekrijgt. De sector stimuleert hiermee om eerder te stoppen. De schaduwzijde is dat de werknemer die op z’n 66-ste wil stoppen, op achterstand staat. De regeling via SF BIKUDAK is maximaler.”

Volgens Woortman echter niet maximaal genoeg: “Als SF BIKUDAK hadden we graag een hoger bedrag dan € 22.164 gezien. We hadden willen uitkomen op pakweg € 27.000 bruto per jaar. Vanuit SF BIKUDAK wilden we 25% toekennen bovenop het AOW-bedrag. Dan waren we grofweg uitgekomen op die € 27.000. De overheid gaat daar echter niet in mee. Als je maar één euro extra uitkeert boven het fiscaal gefaciliteerde bedrag, dan vervalt de facilitering over het totaal. Weg subsidie.”

Toekomst

“Bovendien”, vult Ben Bleumer aan, “betaal je over het surplusbedrag ook nog eens 52% belasting. Je schiet dan tweemaal in je eigen voet. Dus we moeten het met dit bedrag doen. Ook in andere sectoren komen we dit probleem tegen. Het bedrag wordt als te laag ervaren. We zijn echter gebonden aan de wetgeving. Ik verwacht niet dat dit de komende jaren gaat veranderen. Het betekent niet dat we ons niet meer inspannen, integendeel.”

Cees Woortman: “Wat er na 1 januari 2026 gaat gebeuren, weet niemand. We hebben te maken met dakdekkers die gezien de duur en zwaarte van hun arbeidsverleden soms aan het eind van hun fysieke latijn zijn. Dat kan in de loop der jaren veranderen. De 60-er van over pakweg dertig jaar zal er beter aan toe zijn dan de 60-er van nu. Dat patroon zal pas over vele jaren geleidelijk zichtbaar worden. De huidige 60-ers zijn hun loopbaan op het dak begonnen onder arbeidsomstandigheden die op een volstrekt ander niveau lagen dan nu. Over dertig jaar zal de fysieke belasting weer veel minder zijn dan nu. Naarmate werknemers fitter zijn, zal er minder behoefte zijn aan een zwaarwerkregeling.”

De werkgevers- en werknemerspartijen in de bouwsector steunen volgens Bleumer een zwaarwerkregeling van harte. Ook voor hen is de toekomst van de RVU ongewis. Bleumer: “We staan aan de vooravond van hopelijk een nieuw kabinet. Dat zal ook knopen moeten doorhakken. Hanteren we straks 45 dienstjaren als criterium? Gaan we gedeeltelijk naar een flexibele AOW? Wie zal het zeggen.”

Voor meer informatie over de RVU bekijk deze pagina.

Terug naar het overzicht

Stel uw vraag aan Comminz


Wilt u weten of wij iets voor u kunnen betekenen? Bel ons op 088 – 43 533 33 of maak gebruik van ons contactformulier.

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.